zondag 11 september 2011

Uiteindelijk sta je er voor elkaar

Ik vind niet dat ik het slecht heb gedaan met de kinderen, maar zij hebben mij wel eens verwijten gemaakt. Ze vonden dat ik altijd weg was, terwijl ik twee avonden per week van huis was, meer niet. Dat was ook zeker niet altijd voor het werk, ik ging ook vaak naar mijn vader, maar kinderen maken dat onderscheid uiteraard niet... Ik vraag me trouwens af of ze het wel geapprecieerd zouden hebben als ik altijd thuis was geweest. Dan zou ik hun waarschijnlijk voortdurend hebben aangesproken op hun gedrag...

Als ze pubers zijn, raken je kinderen je het ergst. Dan weten ze perfect je zwakste plekken te treffen. Onze kinderen deden in die periode gewoon altijd hun zin. Als ik een opmerking maakte, kreeg ik te horen: je bent nooit thuis, we hebben geen eten! Terwijl ik dus wel altijd kookte! Dat was wel een harde tijd. Er werd veel op mijn hart getrapt, maar dat moet je dan maar verdragen. Dat is ook typisch voor een gezin: je maakt ruzie en doet elkaar pijn, maar je komt ook altijd weer terug. Dat is het mooie, dat je elkaar niet alles aanrekent wat je een ander wel zou aanrekenen.


Zo rond hun zestiende, zeventiende hadden de kinderen het het moeilijkst, maar ook voor ons als paar was het de moeilijkste tijd. We hadden toen geregeld een verschillende visie op de aanpak van onze zoons. Ik wilde dat mijn man iets vaker zou tussenkomen, hij vond dan weer dat de kinderen iets meer losgelaten moesten worden. Terwijl zij puberden, zaten wij in een fase in ons leven waarin we ons afvroegen of de keuze die we voor elkaar hadden gemaakt wel de juiste was geweest. Zouden wij de rest van ons leven samenblijven? Was het gras toch niet groener aan de overkant? Als je je daar geen vragen over stelt, is het misschien wel gemakkelijker om een houvast te bieden aan je kinderen. Mijn man en ik zijn altijd samen gebleven en veel echt samen geweest, maar iedere relatie heeft zijn goede en zijn slechte periodes. In mindere tijden probeerde ik altijd te kijken naar wat goed was en maakte ik een soort balans op. Wat is mij veel waard binnen deze relatie, wat zou ik verliezen? Die vragen. Woog dat op tegen wat ik elders misschien zou winnen? Ik heb altijd gevonden dat de balans hier thuis voldoende goed was.

Onze kinderen maakten het ons niet gemakkelijk, maar eigenlijk mogen we niet klagen. Ze hebben alledrie joints gerookt, ze hebben alledrie veel te veel alcohol gedronken en ze luisterden niet naar ons, maar uiteindelijk zijn ze er ook alledrie uit geraakt. Ze hebben zelf beslist om ook weer te stoppen met die joints en zelf beslist om te stoppen met drinken.

Het was hun zoektocht, vermoed ik. Er speelde vanalles mee: de vriendenking, dat ze het moeilijk hadden met zichzelf en hun thuissituatie... We hebben bijvoorbeeld nooit een televisie gehad en zij zeiden soms wel: wat voor een gezin zijn wij nu?

Je gezin van herkomst bepaalt uiteindelijk mee hoe je je latere gezin ervaart, denk ik. En iedere relatie is voor een stuk ook gebaseerd op uithoudingsvermogen. Je moet kunnen toegeven. Ik vind dat ik toegeeflijk ben, maar mijn man zal daar wellicht hartelijk om lachen en zeggen dat ik geen millimeter wijk.


Als puber schreef ik gedichtjes en was ik weemoedig. Ik voelde me vaak triestig, terwijl ik toch helemaal geen triestige persoon geworden ben. Vandaar ben ik vooral blij dat ik door wat ik als kind heb meegemaakt zo sterk ben geworden.

Wij zijn bepaald geen flauweriken, maar binnen ons gezin weet iedereen dat als het erop aankomt, we er voor elkaar staan, zelfs al hebben we net de felste ruzie gehad. Als het er echt op aankomt, kunnen wij als gezin absoluut op elkaar rekenen.
Dat is de kern. Dat is basisvertrouwen.
Ook al zijn wij geen mensen die vaak zeggen: ik zie je graag...

Een relatie slaagt ook maar wanneer je allebei echt iets hebt waarvoor je kunt gaan. Anders verwacht je te veel van de ander wat hij toch niet kan geven. Je moet het zelf doen en vervolgens ook steun vinden bij elkaar. Of je leven al dan niet interessant is, heb je zelf in de hand. Daarvoor kun je niet rekenen op je partner.

- Gaby Jennes - Directeur Hoger Instituut v Gezinswetenschappen -

- in 'Mijn gezin en ik' van Annemie Willemse -