
Een nieuwsgierige monnik vroeg aan een meester:
'Wat is de weg?'
'Hij ligt pal voor je neus,' zei de meester.
'Waarom zie ik hem zelf niet?'
'Omdat je aan jezelf denkt.'
'En u: ziet u hem?'
'Zolang je dubbel ziet en zegt: "ik niet" en "u wel" enzovoort, zijn je ogen vertroebeld', zei de meester.
'Kun je hem zien als er geen "ik" is en geen "u"?'
'Als er geen "ik" is en geen "u", wie wil hem dan zien?'
- Zen-verhaal -
